Regering geeft voorkeur aan ambtenarenzelfbestuur

maandag 13 december 2010

Door Herman Wals. Op de avond dat CDA, VVD en PVV met elkaar een gedoogakkoord sloten, kwam beoogd premier Mark Rutte in het journaal vertellen wat dit voor het volk betekende. Er zouden straffe maatregelen komen, zo vertelde Rutte, maar… de overheid begon bij zichzelf. Hij liet even een stilte vallen en vervolgde toen met: ‘we gaan de deelraden opheffen’. Volgens het blad Binnenlands Bestuur (‘Stadsdelen verbijsterd over aangekondigd einde’) komt dat de afstand tussen bestuur en burger in Amsterdam en Rotterdam beslist niet ten goede. Het verbeteren van het democratisch gehalte was in 1981, bij de invoering van de eerste twee deelraden in Amsterdam, inderdaad hét uitgangspunt.

In de Tweede Kamer droeg de VVD als alternatief het zogeheten Haagse model aan. Nu is de kern daarvan ambtelijke deconcentratie, oftewel stadsdeelkantoren met een beperkt aantal ambtenaren. Die opzet is niet alleen in Den Haag, maar ook in veel andere grote steden terug te vinden. Dit voorpostmodel laat de gemeentelijke organisatie verder intact. Maar in Amsterdam is zo’n dertig jaar geleden besloten om álle ambtenaren bij elkaar te brengen die voor een stadsdeel werken, wat tegelijkertijd de ontmanteling van een aantal grote ambtelijke bolwerken zoals Openbare Werken betekende. Omdat in die tijd de vrees voor ambtenarenzelfbestuur bestond, zijn de stadsdelen van een gekozen bestuur voorzien.

Het Projectmanagementbureau bracht in 2008 een boekje uit met interviews met ambtenaren die in de jaren tachtig en negentig betrokken waren bij de grote Amsterdamse projecten in de jaren tachtig en negentig. Wat opviel was dat ze collectief de pest hadden aan stadsdeelraden. En dat is niet voor niets. Door opheffing van de deelraden zal er een verschuiving plaatsvinden van het bestuurlijke naar het bureaucratische domein, met andere woorden: de macht van de ambtelijke organisatie neemt weer toe. En was het ook niet het kabinet Rutte dat plannen maakt om de rol van het ambtelijk apparaat drastisch terug te dringen?

Minister Donner heeft inmiddels al een aantal keren de staf gebroken over het fenomeen stadsdeelraad. Hij staat daar niet alleen in. Een week of wat geleden stond er een ingezonden brief in Het Parool van SP’er Laurens Ivens – kort daarna tot beste gemeenteraadslid van 2010 gekozen. Hij hekelde de gang van zaken rond de wederopstanding van Fatima Elatik in de deelraad Oost. In één moeite door verkondigde hij dat dit eens te meer het failliet van de deelraden aantoonde. Een merkwaardige redenering, want ik heb nog nooit na een blunder van een wethouder of burgemeester horen pleiten voor het opheffen van de desbetreffende gemeente, laat staan van alle gemeenten in dit land.

Mocht Donner zijn gelijk halen in het parlement, dan is er nog geen kind overboord. Bij de start in 1981 zijn de stadsdeelraden ingesteld op basis van een artikel in de Gemeentewet, dat het mogelijk maakte om taken van de gemeenteraad over te dragen aan functionele of territoriale commissies. Jarenlang hebben de deelraden als zo’n commissie gefungeerd, totdat ze in de jaren negentig een eigen positie in de Gemeentewet verkregen. Als het parlement inderdaad besluit om de stadsdelen uit de Gemeentewet te verwijderen, dan kan de gemeenteraad bij wijze van terugvaloptie nog altijd besluiten om er weer territoriale commissies van te maken. Dat heeft misschien wat minder status, maar in de praktijk zal daar weinig tot niets van te merken zijn.

Herman Wals is lid van de deelraad van Amsterdam Zuid. Binnen de D66-fractie is hij verantwoordelijk voor de portefeuilles ruimtelijke ordening & wonen en Zuidas. Op deze website schrijft hij regelmatig over actuele en/of lokale onderwerpen.



print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave





Volg de blog van Alexander

AlexanderD662.jpg