Moet de overheid de projectontwikkelaar subsidiëren?

maandag 14 maart 2011

Door Herman Wals. Grond, geld en gemeente: het blijft zoeken naar de goede balans. De grond in de stad is schaars, het gebruik intensief, het beroep erop groot. Een ambitieuze gemeente wil greep hebben op de ontwikkeling van de stad, maar daarbij geen geld inschieten. De vraag is dus wie er allemaal beter wordt van die ontwikkeling en wie uiteindelijk de rekening betaalt.

Als de gemeente grondeigenaar is, dan kan ze een grondexploitatie openen voor het verrekenen van kosten en opbrengsten. Maar als de grond in particuliere handen verkeert, wordt het een ingewikkelder verhaal. Dan moet de gemeente op een andere wijze de door haar gemaakte kosten verhalen. De Wet op de ruimtelijke ordening maakt dat sinds 2008 mogelijk. Dat kan op twee manieren: door gelijk met een bestemmingsplan een exploitatieplan vast te stellen en daarin de kosten op te nemen van gemeentelijke projectmanagers, planeconomen, stedenbouwkundigen, planologen enzovoort. Maar ook kan de gemeente met de ontwikkelaar op privaatrechtelijke basis een zogenaamde anterieure overeenkomst sluiten.

D66 heeft in de stadsdeelcommissie Ruimte & Wonen al diverse keren aandacht gevraagd voor het kostenverhaal. Afgelopen week stonden er weer twee punten op de agenda waarbij dat een rol speelde: de herontwikkeling van Stadshouderskade 92 en 99 én de nieuwbouwplannen voor de Elisabeth Otter-Knollstichting, aan de zuidzijde van het Gelderlandplein. Het dagelijks bestuur huldigde tot voor kort de opvatting dat het voldoende was wanneer er leges in rekening gebracht werden: 3.115 euro voor de herziening van een bestemmingsplan. Als het uurtarief van een ambtenaar ongeveer 100 euro is, zijn daarmee 31 uur gedekt. Maar het maken van een flink bestemmingsplan kost zeker 1.500 uur en daar komen dan nog de kosten voor extern onderzoek bij. En ook bij een klein bestemmingsplan lopen de kosten voor het stadsdeel al snel op tot 20.000 tot 30.000 euro.

De redenering achter het kostenverhaal is nogal technisch van aard en daardoor weinig populair. Het heeft ook niet zozeer met politiek te maken, maar met bedrijfsvoering. Waar die twee elkaar wel ontmoeten dat zijn de beschikbare middelen. Het stadsdeel verkeert in financieel moeilijke tijden. We moeten dus niet alleen de kosten beheersen, maar ook naar de opbrengsten kijken. In de ogen van D66 zou de gemeente niet onbedoeld projectontwikkelaars moeten willen subsidiëren.

Herman Wals is lid van de deelraad van Amsterdam Zuid. Binnen de D66-fractie is hij verantwoordelijk voor de portefeuilles ruimtelijke ordening & wonen en Zuidas. Op deze website schrijft hij regelmatig over actuele en/of lokale onderwerpen.




print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave





Volg de blog van Alexander

AlexanderD662.jpg